Speelgoed

Wat geef je een kleintje aan speelgoed? Naast dat het dol is op jou, je geur en je warme lichaam waar het zoveel van leert, is het natuurlijk ook nieuwsgierig naar de buitenwereld. Kies daarom voor speelgoed dat de zintuigen prikkelt.  

Voelen: knuffels van verschillende materialen.  

Horen: een bal met geluid, een rammelaar of het krakende geluid van inpakpapier.  

Ruiken: gebeurt vooral bij mama en andere verzorgers of vertroetelaars.  

Proeven: doen we graag met alles wat in de mond past.  

Zorg er altijd voor dat speelgoed veilig is, want proeven is vaak het eerste wat kinderen doen. Kies speelgoed met een goed kleurcontrast en felle kleuren, zoals geel en blauw. Breng het speelgoed naar het kind toe, omdat grijpen en reiken lastig kan zijn als je niet weet waar iets is. Speelgoed met een zuignap, klittenband of klem maakt duidelijk waar het zich bevindt en blijft beter op zijn plek.

Zorg voor een overzichtelijke speelplek met weinig achtergrondgeluiden en bied maximaal één of twee speeltjes tegelijk aan. Geef kinderen de tijd om speelgoed te ontdekken; bij een visuele beperking duurt dit vaak langer. Benoem wat je doet en ziet, en verlaag je tempo en verwachtingen. Magneetblokken zijn handig omdat ze minder snel omvallen en makkelijker in elkaar passen.

Weetje: veel kinderen met een visuele beperking bouwen eerst verticaal en daarna pas horizontaal.  

Meer informatie en tips vind je op sensowereld.nl.